Ellen over haar 6 poezenkindjes

Deel dit

Ragdolls, Ragamuffins en htk-katten. Ellen is gek op álle katten. Daarom heeft ze er ook zes. Met allemaal een eigen karakter – een luiwammes, een slimme tante, een hele relaxte, een allemansvriend en een stille genieter. En wie is die kleine knormachine?

Zes katten Ellen. Het is vast heel gezellig bij jou in huis?

Ja, het is heel gezellig bij mij thuis! Ik ben opgegroeid met een hond en toen ik op mezelf ging wonen wilde ik graag weer een huisdier. Maar een hond werd wat ingewikkeld omdat ik alleen woon en onregelmatig werk. Omdat ik graag een knuffelbaar huisdier wilde – dus geen vis of muis – koos ik voor een kat.  

En dat was meteen een succes! Mijn eerste kat was Famke, een ontzettend lieve zwarte poes. Daarna kwamen Michael en Jamie en die zijn allebei hartstikke oud geworden. Even dacht ik dat ik geen huisdieren meer wilde. Het was wel goed zo. Maar dat hield ik niet lang vol. Na een paar maanden vroeg ik me tijdens het stofzuigen af:

WORD IK NOU ECHT BLIJ VAN EEN SCHONE BANK ZONDER KATTENHAAR?

En het antwoord daarop was ‘nee’. Ik werd daar helemaal niet blij van! Ik miste levendigheid in mijn huis.

En nu heb je er zes!

Ja, ik begon met Robin en Lizzy. Het begin van mijn club van zes. Heerlijk hoor, al die gezellige beestjes in huis – ze geven ontzettend veel liefde en zijn altijd bij me in de buurt.

Voor het slapengaan bijvoorbeeld, zit iedereen naast mijn bed te wachten. Ik heb de katten aangeleerd dat ze dan een snoepje krijgen. En dat is nu een vast ritueel. Zo leuk!

En als ik ’s ochtends opsta zitten alle katten weer in mijn slaapkamer. Dan gaan we met zijn allen naar de keuken en geeft ik ze een beetje natvoer. Daarna volgt een uitgebreide wasbeurt en gaan ze even naar buiten. Totdat ik naar mijn werk ga, want dan wordt er vooral geslapen volgens mij.

Als ik weer thuiskom zit de hele kattenclub bij de voordeur. Dan geven ze me een snelle knuffel want ze willen het liefst zo snel mogelijk naar buiten – even spelen en ravotten in mijn afgesloten tuin.

Een afgesloten tuin? Heb je dat speciaal voor je katten gedaan?

Ik woon op Goeree Overflakkee in een rijtjeshuis met een heerlijke tuin. Dat laatste wilde ik graag, want ik vind het belangrijk dat mijn katten naar buiten kunnen. Maar dan moet het wel veilig zijn. Daarom heeft mijn vader een omheining voor me gemaakt van beugels en mollengaas. Dat ziet er supernetjes uit. En zo weet ik zeker dat mijn poezenbeesten niet door iemand meegenomen worden.

Van wat voor soort ras zijn jouw katten?

Robin (5) is een mengelmoes. Zijn moeder was een kruising Ragdoll – Noorse Boskat en zijn vader een grote kater van de buren. Daarom is het ook zo’n flinke jongen. Lizzy (5) is een echte huis-tuin-en-keuken kat. Amber (4), Milan (3), en Bella (4 maanden) zijn Ragdolls en Sarah (1) is een kruising Ragamuffin – Ragdoll.

Veel Ragdolls. Waarom vind je dat ras zo leuk?

Ik vind al mijn katten geweldig hoor, begrijp me niet verkeerd. Maar ik ben echt verliefd geworden op het karakter van Ragdolls. Ze hebben een zachtaardig karakter, een heerlijk fluffy vacht en vinden het fijn om te knuffelen.

En ze lijken altijd wel een beetje kitten te blijven in hun gedrag – ze zijn nieuwsgierig en kunnen heerlijk spelen. Alleen of gezellig met hun huisgenootjes. Ragdolls zijn heel erg op mensen gericht maar hebben wel allemaal hun eigen karaktertje hoor.

Wat leuk, vertel daar eens wat over!

Lizzy is heel slim. Ze snapt heel snel hoe dingen werken. Ze had bijvoorbeeld als eerste van de zes de kattenpuzzel door. En ze is graag op zichzelf. Net als Sarah. Dat is een stille genieter die af en toe ineens heel dichtbij komt, aan mijn gezicht snuffelt en wacht op een kroel.

Amber is klein en rustig. Ze speelt graag met haarelastiekjes, maar ook met de andere katten. Ze komt vaak kopjes geven en als er bezoek langskomt, staat ze vooraan. Want ze is heel nieuwsgierig. Milan is een allemansvriend die hele gekke sprongen kan maken en is ook gek op visite. Die legt zijn staart over de benen van de visite heen als hij over zijn rug geaaid wil worden.

BELLA IS MIJN KLEINE KNORMACHINE. ZE IS GEK OP KROELEN EN PIEPT ALS ZE OPGETILD WIL WORDEN.

En tot slot Robin. Die rent af en toe als een bezetene door mijn huis, maar is vooral een echte luiwammes. Slapen is zijn favoriete bezigheid. Maar al mijn katten zijn gek op slapen.

Ja, slapen is echt een katten-ding. Waar slapen die van jou het liefst?

Mijn katten slapen het liefst op en in de krabpalen. Omdat ik natuurlijk best veel katten heb, heb ik ook meerdere krabpalen in huis. En dat was nog een flinke zoektocht hoor. Want ik vond de meeste krabpalen te groot en niet mooi van kleur. Totdat ik de krabpalen van Petrebels vond!

De eerste die ik kocht was krabpaal Catharina 120. Die is gemaakt in een prachtige grijze kleur, is compact en nog steeds favoriet bij de katten. En omdat Milan zich graag verstopt wilde ik ook een krabpaal met huisjes en een hangmatje. Daarom kocht ik krabpaal Charlotte 180 erbij. Een flinke investering allemaal bij elkaar, maar dat heb ik voor ze over. Ik ben echt gek op al mijn poezenkindjes.

Vertel, waarom zijn ze zo leuk?

Mijn katten maken me altijd aan het lachen met hun gekke acties. Ze zijn ondeugend, gezellig en ontzettend lief. Als één van mijn katten me een knuffel of een kroel geeft, is dat echt een geluksmomentje voor me!

Ellen woont samen met 6 katten en heeft robuuste krabpalen nodig met genoeg plek voor alle katten. Daarbij vindt ze het belangrijk dat de krabpalen ruimtebesparend zijn en bij haar interieur passen. Ellen koos daarom voor Catharina 120 en Charlotte 180 in de kleur grey. Want die gaan lang mee, hebben veel slaapplekjes én de kleur grijs staat prachtig bij haar interieur.

Andere blogs

Payment providers Pet Rebels

© Copyright Petrebels 2021